De merel
Kenmerken ;
De volwassen mannetjes zijn zeer donkerbruin tot bijna zwart,met oranje-gele snavel en oogring
De vrouwtjes zijn aardkleurig bruin met een onduidelijk patroon vaak met lichtgrijze keel en een bruine snavel.De jonge merels zijn beduidend roodbruiner en geschubt
Na de rui zijn de jonge mannetjes aan het donkere kleed te onderscheiden van de vrouwtjes,de snavel wordt pas in de winter geel van kleur
Merels zoeken vaak hun voedsel op de grond zodat ze niet moeilijk te bekijken zijn
Ze bewegen zich hippend,hun lichaamsbouw zelden zo opgericht als dat bij andere lijstersoorten het geval is .Al aan het eind van de winter is het gezang van de merel te horen
Het geluid ;Waarschuwingsroep luid gillend of zachter wanneer er op de grond vijanden in de buurt zijn .De zeer welluidende en bij volwassen mannetjes fantazierijke zang wordt langzaam en gedragen gebracht ,soms ook nagebootste toen en geluiden .De merel behoort tot onze beste zangvogels
Verspreiding en gebied
Komt voor in heel Europa ,behalve het hoge noorden , overal veel voorkomend ,in het gebergte tot en met in de bossen .Vroeger was de merel in Midden-Europa een echte bosvogel Pas in de loop van de laatste 200jaar heeft deze vogel ook steden en dorpen als leefgebied veroverd.Hier die gemaaide gazons net zogoed als afval tot de voedselbron.Het is tegenwoordig mogelijk om het verschil te zien tussen de bos en de stadsmerel ,die ook bide een ander trekgedrag hebben
Voortplanting;Het tamelijk grote nest wordt gebouwd van halmen ,die aan elkaar gekleefd worden met modder en bekleed met zacht gras.Het nest is te vinden in bomen,struiken ,klimplanten en onder gevels van huizen .De leg begint vaak in maart ,soms nog vroeger tot in augustus er zijn 3 legsels of meer .De 5-6 eieren zijn linde groen tot blauw,met bruine spikkels .Meestal broedt het vrouwtje 14 dagen ,beide merels voeren de jongen 14dagen in het nest ,waarna ze blijven voeren tot de jongen 3 weken zijn.
Voedsel; De merel voed zich in het warme deel van het jaar met kleine dieren van de grond zoals wormen,larven of slakken,in de late zomer en herft eet de merel bessen of vruchten zoals kersen,rode bessen,lijsterbessen of vlierbessen.In de winter voedt hij zich met havervlokken ,vet,rozijnen en andere zaden van de voedertafel.